kam en het meisje 2

Had ze het aan zien komen, die arme Bouch.

Nee, dat had ze niet. Tegen beter weten in had ze jarenlang zijn vriendelijkheid in eigen voordeel geinterpreteerd. Maar nu, tanden op elkaar. Niemand mocht iets merken van het blauwtje dat ze zojuist gelopen had.

 

Ondertussen volgt de trouwe klant, die met de hemelse grijns, haar ouders op een langdurige reis naar Spanje.

Ik zeg het ook eigenlijk verkeerd: het was niet zomaar een reis, maar een heuse emigratie.

Eenmaal in Spanje begint onze trouwe klant, we zullen haar Kinza noemen, want eerlijk gezegd weet ik haar naam niet meer, te dromen. En het is elke nacht de zelfde droom. Er staat een man in een kamer vol lachende foto’s en hij draait zich naar haar om…lach jij ook eens naar mij, vraagt hij haar streng…

En elke nacht wordt ze huilend wakker en ziet ze die jongen voor zich, die jongen in die fotozaak…die jongen met wie ze zo fijn kon praten alsof ze hem al haar hele leven kende, alsof ze broer en zus waren, zo vertrouwd…

 

 

Kinza kan niet aarden in het land van de matadors. Ze heeft een ander soort man leren kennen, een gevoelige man,  maar hij woont niet hier, niet in dit vreemde land.

 

 

Haar ouders, inmiddels gesettled,  piekeren er niet over om de boel op te breken.

Toch zien ook zij wat er voor hun ogen gaande is.

Hun dochter, hun prachtige levendige dochter is langzaam aan het verdwijnen. Ze verliest niet enkel kilogrammen, maar verdwijnt bijna letterlijk meer en meer uit beeld. Ze moeten haar in het grote nieuwe huis soms urenlang  zoeken. Om haar dan eindelijk te vinden in een kleine erker, verscholen achter een dik gordijn.

Hoorde je ons niet roepen, Kinza? Nee, serieus ze had hen niet gehoord…

 

En op een goede dag gaven de ouders het op. Ze mocht haar koffers pakken, het vliegtuig zou over enkele uren vertrekken…

Hoog in de lucht en dicht bij het raam keek ze naar de slagroomtoefjes en voelde hoe de haartjes rechtovereind stonden op haar armen en benen.

 

Ik kom naar je toe, zei ze zacht, ik kom naar je toe…

Een  lange reis was het niet en dus was het een kwestie van haar koffers in de hoek gooien en de deur uit te rennen.

Gelukkig, voor haar was dit het land van de taxi’s, ze hoefde haar hand maar op te steken en er stopte een rode taxi vlak voor haar voeten.

 

Naar de Koninginnenstraat alstublieft, u weet wel, die fotozaak op de hoek…”

 

 

 

 

 

 

 

Wordt vervolgd…

 

 

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s