Monthly Archives: september, 2011

Het witte blinken

Vraag jij je nooit eens af, waar jij zou zijn, als ik je niet had gebeld?.
Uren hingen we aan de telefoon, jij en ik. De ontvangst was slecht, om de haverklap werd de verbinding verbroken. Als je niet meteen had teruggebeld, zou ik hebben gedacht dat jij het was en niet de ontvangst. We dachten dat er niets was. Of ik dacht het van jou. Jij dacht nog niets. Het enige wat ik wist, was jouw lach, de witte tanden die je vaak liet zien. Gretig. De laatste dag voor mijn vertrek zat je bijna op mijn schoot. Hoe kon ik geen verwachtingen hebben met zo´n hete nabijheid. De keren dat we naast elkaar zaten aan lunch of diner, jouw blote knieen die de mijne raakten. Ze schoten nooit weg, bleven waar ze waren. Lichte aanrakingen op het ritme van onze kaken. Heb jij je nooit afgevraagd hoe het kwam dat we naast elkaar zaten. Had iemand daar de hand in gehad, manipuleerden wijzelf de tafelschikking en doorzagen wij dat niet?

Jaren koesterde ik het blinken van je tanden. Verzamelde foto´s van jou en je grijns. Die ene foto waar we samen op stonden, ik verlegen, jij brutaal verdween onder mijn kussen en bleef daar. Een enkele brief kwam aan. Maanden van wachten op de postbesteller. Elke dag die verstreek at ik minder en ging ik de strijd aan met jouw aanwezigheid in mij.
Mijn hoop vervloog en materiele herinneringen aan jou werden niet weggegooid, dat ging te ver, ze verdwenen achter het behang van mijn leven. De nachten werden kaal, lang en onbehaaglijk, jouw geest opgelost.
Een week voor dat ik ja zou zeggen en schrijven in aanwezigheid van vele getuigen, verscheen jouw naam op mijn mobiel. De aanstaande echtgenoot en ik keken verlamd naar het trillende apparaat op het tafeltje voor ons. Neem je niet op, vroeg hij en zijn hand reikte en naderde de oproep uit verboden tijden. Zijn hand stokte, nooit zal ik weten waarom. Je begrijpt, ik heb het hem nooit durven vragen.
De onbeantwoordde oproep bleef. Hij vergezelde me bij het zoeken naar een jurk, en steunde me in de weigering van een traditionele lange witte bruidsgewaad. Liegen op het stadhuis was tot daar aan toe; de afspraak die ik had met het lot was duidelijk: na verzet een  buiging. Om en om.

En toch…een bruidsnacht kwam er niet. Nadat de laatste gasten de deur achter zich hadden dichtgetrokken was het afgelopen met de buiging. De rest van ons samenzijn, een  guerilla die zich afspeelde in de donkerte van het veel te smalle bed.  Er was geen ontkomen aan.
De geest kan het lichaam niet dwingen. Het duurde een half jaar voor ik begreep dat het lichaam een eigen wil had en een niet mis te verstane taal sprak.
En daarom zijn jij en ik nu bij elkaar.

Van aap tot mens

Ze heeft een halve tand. Het eerste slachtoffer is gemaakt. Het is de neus van haar eigen vader. Agressie in een eierschaal.

Vlak voor het slapen huilt ze zichzelf in slaap en dat gaat van mamamamamamama. We sluipen de trap op en leggen ons oor tegen het sleutelgat. Mamamamamama is een primeur. Maar we weten het niet zeker. Zijn het huil of spraak emmen. Ze emt en bbbt er lustig op los. Dat is opvallend. Mama en papa zijn de eerste woorden, maar worden niet als zodanig gebruikt.

Ik denk dat babies overal ter wereld een universele taal spreken.  Chinese babies murmelen  vast net als peruaanse of duitse ook mamamama als ze zich in slaap huilen en kraaien babababa als ze vrolijk en verzadigd hun tongspieren losmaken na het intensieve gelurk aan de fles met pap.

Ze kruipt zoals een zeehond en heeft daarbij altijd een duidelijk doel. Het doel is het in beslag nemen van iets dat blinkt en buiten haar bereik lijkt. Onze vooruitgang wordt dus ingegeven door hebberigheid. Zo lief en onschuldig als een baby is, de kern van ons menszijn is volledig aanwezig. Zij is een blauwdruk van de homo in wording. Van aapje tot sapiens.

Ik zie het allemaal terug in kleine Saar.

Ik heb er zin in

De zon schijnt en toch eten we vanavond zuurkoolstamppot. Genieten van winterkost onder zomerse omstandigheden. Heerlijker kan het wat mij betreft niet worden. Al baalde ik afgelopen augustus; als dit onze troost is, dan wil ik elke zomer wel regen.

Een lange herfst en winterseizoen met vallende rode en gele bladeren, zelfgeplukte bosbessen op de yoghurt en een braadworst bij de kool. Witte autodaken, auto´s die niet willen starten en gekras in de kleine uren. Wollen mutsen in vloekende kleuren en een rafelige sjaal die ongeknoopt achter een kind aan sleept. Erwin Kroll die tien dagen van te voren een witte kerst voorspelt. De bezorgde kalkoen in TNT reclamespots. Rode handjes in natgeworden wantjes. Uitverkochte slee en sneeuwschuiver in november. Kerstbomen bij de Gamma een dag na Sinterklaas. Volgevreten benen op de hometrainer.

Honden en katten aan de kalmeringspil op de laatste dag van  het jaar.

Dauw

zijdezacht atoom
filtert licht
webt kakafoon
vochtig dicht

contourt
vleugje schroom
de dageraad

morgenkik

ruik je
diep gedoken
in plooitjes achter je oor
kus je
olidil en krokofantebil
gier je
gebogen in klein plezier

Alle dagen Open

Ik denk altijd van alles. Bijvoorbeeld dat het zaterdag Openmuseum Dag was.

Omdat ik te achterlijk ben om uit te zoeken hoe dat nu zit met die ovchipkaart en het een mooie herfstzomerdag was, haalde ik de fiets uit de schuur en zette ik oudste in het fietstoeltje achterop. Of dat nog mag, met zijn leeftijd, zijn gewicht, kon me op dat moment worst wezen. Als de zon schijnt denk je niet aan eventuele bekeuringen of andere vervelende zaken.

Dus daar gingen we, ik zwoegend van heuvel naar heuvel, Faf nonstop kletsend en vragen stellend. We passeerden een rivier en terwijl ik het stuur recht probeerde te houden, attendeerde ik de kletsmajoor op twee ooievaars hoog in de lucht.  Zoals wel vaker miste hij net het moment en dacht hij dat ik de ganzen bedoelde, die  ook net besloten hadden over ons hoofd heen te vliegen.  En ik moest hem uitleggen welke ooievaar ik bedoelde.

Door dat hij me bijna voortdurend verrast met zijn grote algemene kennis, ging ik er gemakshalve van uit dat hij zoiets simpels als een ooievaar wel zou kennen. Hoe hij die dan zou moeten kennen, daar sta ik dan maar liever niet bij stil. Van Zack en Cody, Phineas en Ferb zal  hij het niet leren,  al leren die laatste twee hem dan wel weer van alles over de relativiteitstheorie.

En zo viel ik van de ene verbazing in de andere. Genoot ik van zijn uitgelatenheid toen hij de nesten pissebedden ontwaarde in de grote houten appel. Was ik verbijsterd toen hij een lichte aanval van paniek kreeg in de donkere zaal. Raakte ik ontroerd toen hij zijn angst niet wilde toegeven toen de suppoost er naar vroeg. Liep hij stoer met mij terug naar de donkere zaal  om dat te bewijzen. En toen we daar eenmaal stonden, zodat hij zijn gelijk kon halen, begreep ik pas dat de muziek ook eng was, om van de levensgrote beelden maar te zwijgen.

Vroeg ik me af of een grote mensen museum eigenlijk wel geschikt was voor kinderen. Want al kon hij de teksten op de muur niet lezen en wist hij niet wat de kunstenaar beoogde, hij voelde haarscherp aan dat de zaal een luguber thema behandelde.

Gelukkig was er speciaal voor de kleine bezoeker de onderzoeksriem. Gewapend met vergrootglas, geplastificeerde opdrachten en aanwijzingen op zijn smalle heupjes, ging hij de museumtuin te lijf. Het leverde hem een handvol eetbare beukenootjes op, die hij samen met mij op het bankje in de zon oppeuzelde. Het babyeikeltje met hoed werd aan mama in bewaring gegeven en de paardekastanjes gingen mee naar huis, die zouden maandag aan de juf worden getoond.

En zo werd een open dag die geen Open Dag was toch een geweldig succes.

De vogelvrije mensen die geen Geert Wilders heten

Ik kan me vergissen.

Maar er lijkt iets te veranderen. Mensen worden weer iets mondiger. Durven weer meer te zeggen waar het op staat. Jarenlang hielden ze hun mond, omdat ze bang waren uitgescholden te worden voor politiek correct of linkse kerk.

Begaan zijn  met je omgeving was een verdachte linkse hobby geworden.

Zeggen dat Wilders misschien niet helemaal gelijk had en misschien een beetje te ver ging, leverde je meteen een demoniserings sneer op. Je hield snel je mond, want stel dat er iets met de arme man zou gebeuren, dan kwam de kogel bij jou vandaan, al was je nog zo pacifistisch als een zachtgeaard babypoedeltje. Het feit alleen al dat je het waagde het niet eens te zijn met de Grote Leider was al een misdaad op zich.

Geen misdaad is een derde van de wereldbevolking te betitelen als potentiele terroristen, puur omdat ze moslim van geboorte zijn. En natuurlijk is het al helemaal geen misdaad als aanhangers van de Grote Leider mij op straat uitschelden, mij een restaurant uitjagen, alleen maar omdat ik een hoofddoek op heb en dus wel moslim zal zijn. En moslims, zo hebben Geert Wildersstemmers geleerd, zijn staatsgevaarlijk en horen hier niet thuis. Sterker nog, ze zouden allemaal het land uit moeten worden gezet. Allemaal? Ook zij, die hier geboren zijn en geintegreerd en enkel van de nederlander te onderscheiden vanwege dat olijfgroenige huidskleurtje?

Ja ook die, want ze lijken wel geintegreerd, maar pas op: moslims gebruiken allemaal taqia. Om hun doel te bereiken mogen ze liegen en bedriegen, dus ook doen alsof ze geintegreerd zijn, als hen dat zo uitkomt. Dus er zijn helemaal geen goede moslims? Nee, want de islam predikt haat en de moslim krijgt de haat dus met de paplepel naar binnen gelepeld. Het zijn wolven in schaapskleren.

Dit hierboven is geen demonisering, natuurlijk niet. Want deze grote groep mensjes, een derde van de wereldbevolking heeft geen blond geperodixeerd haar en is geen eenmansparty begonnen. En zolang je geen Geert Wilders heet kun je niet gedemoniseerd worden. Nee, je bent gewoon Vogelvrij.

……………………………………………………………

Uit:   CCV Trendsignalement 2011

De groei van salafisme in ons land stagneert en hiermee verdwijnt een belangrijk deel
van de voedingsbodem voor radicalisering en terrorisme. Dat stelt de AIVD in 2010 op
basis van onderzoek naar de risico’s van radicalisering, jihadistisch terrorisme en
gewelddadigheid die worden geassocieerd met deze ultraorthodoxe stroming van de
islam.55 Uit cijfers van het CBS blijkt dat 8 procent van de in Nederland woonachtige
moslims als streng orthodox kan worden beschouwd.56 Deze groep, die naar schatting
tussen de veertig- en zestigduizend personen omvat, kiest voor distantie en isolement,
maar maakt zich niet schuldig aan tegen de integratie gericht gedrag, hinderlijke onverdraagzaamheid of antidemocratisch activisme.
Veiligheidsproblemen die samenhangen met radicaliseringsprocessen staan volgens onderzoekers vooral op het conto van rechts-radicalisme, zoals rechts-activisten en rechts-extremisten die zich schuldig maken aan graffiti, vernielingen en intimiderend rondhangen.

Landelijk gezien is de dreiging van rechts-extremisme volgens de AIVD beperkt: tussen 2007 en 2010 daalde het aantal actieve aanhangers van 600 tot 300.58
De AIVD acht een heropleving van het rechts-extremisme dan ook onwaarschijnlijk en kent geen signalen dat het extremisme leidt tot terroristische dreigingen.
Onderzoek onder gemeenten laat zien dat het lokale bestuur zich meer zorgen maakt over polarisatie dan over radicalisering. De gemeenten rapporteren onder meer een toename van discriminatie en racisme, en incidenten met geweld, brandstichting, bedreiging en vandalisme.

Tegen de onbeschoftheid van Geert Wilders!

Lang zijn we met zijn allen stil geweest. Bang waren we of murw of we dachten het waait wel over.

Ondertussen had een Volksdemagoog volledige speelruimte en was er geen enkele speler die hem kon, durfde of wilde stoppen. Zijn we allemaal monddood gemaakt door één enkele Man?

Nog geen paar maanden geleden zaten we aan de buis gekluisterd, ademloos kijkend hoe arabische jongeren het op durfden te nemen tegen Despoten die geen tegenspraak dulden. Deze Despoten hebben de grondwet zo aangepast dat ze  alleenrecht van Spreken hebben.

Laten wij het ook zo ver komen dat  slechts één man het voor het zeggen heeft?

We leven met zijn allen in een Democratie. Nog wel. Laten we daar alsjeblieft gebruik van maken.

Op Facebook is een groep gestart met als titel:

Tegen de onbeschoftheid van Geert Wilders!

Sluit je aan! Hoe meer leden, hoe meer stemkracht!

In beweging

Ons huis is nog niet af.
Alle binnendeuren zijn er uitgesloopt en vervangen door ruwe nieuwe
vers uit het plastic, ongeverfd en ongeklinkt.
Als het meezit, zullen die deuren halverwege december een likje verf en een heuse
deurklink krijgen.
Voor het keukenraam dat uitkijkt op de straat hangt  niets. Geen wapperend stoffen gordijn, geen lamellen en geen rolgordijn. Nu het weer verandert, zie ik s avonds schaduwen die van alles kunnen zijn. De wind die takken beweegt. Van een van de vele bomen. Mensen die naar elkaar zwaaien… En zo leidt elke activiteit buiten mijn huisdeur tot een schimmenspel in mijn woonkamer.
Ik geniet ervan en weet dat er een moment zal komen dat het huis klaar zal zijn en ik terug zal verlangen naar deze onaffe schemeruren.

Niet

Als je komt
wanneer in ongewis
poets mij dan niet weg
dat is alles of toch niet
een klein verzoek
wroet niet in onze grond
gooi het zand niet over je schouder
ik leg nu bloemen op je kamer